De rondweg opgedraaid, het gaspedaal
de brug vergeten, de file in op weg
naar Het Zuiden, op weg naar
het wachtende Utrecht
waar ze ik weet
niet wat doen. Waar ze
misschien aan
het water zitten waar
de zon schijnt waar
de gracht nog groener is, de bomen
hoger. Geen brug houdt me meer tegen.
(22 februari 1984)